Over het ongemakkelijke gevoel dat jij het wel even regelt, terwijl je stiekem hoopt dat iemand anders dat een keertje doet.
Stel je voor: het is zaterdagochtend. De koffie staat klaar, de zon schijnt, en theoretisch gezien is dit een moment om even helemaal niets te doen en niets te denken. Maar in jouw hoofd draait er op de achtergrond van alles wat geregeld moet worden, dit weekend. De vakantie, de planning voor volgende week, de was, nieuwe zomerschoenen voor één van de kinderen en dan is er ook nog dat gesprek dat jullie eigenlijk al drie weken voor je uitschuiven.
Je partner zit rustig de krant te lezen.
Je zucht. Niet al te luid, want dat levert, nátuurlijk weer een discussie op.
Ken je dat? Dat gevoel dat jij altijd degene bent die de kar trekt, de planning maakt, de temperatuur in jullie relatie bewaakt? Een bijbaan van 24/7, met een slechte CAO zonder dat je hier ooit officieel naar hebt gesolliciteerd.
En tegelijkertijd: zonder dat je echt weet waarom je het doet, of zelfs waarnaartoe?
De stille manager van de relatie
Er is een rol die in veel relaties keurig onzichtbaar blijft, maar die enorm veel energie kost: die van de ‘gezinsmanager’ van de BV Gezin. Degene die het conflict ziet aankomen voordat het er is. Degene die weet hoe de ander zich voelt, soms beter dan de ander zelf. Degene die bewaakt, regelt, bijstuurt, en ondertussen ook nog probeert niet te veel op ‘de gezinsmanager’ te lijken. Want het laatste wat je wilt is het verwijt krijgen dat jij de broek aan hebt…

Waarheen dan, precies?
Als we aan koppels aan onze keukentafel vragen: “Wat wil jij eigenlijk in deze relatie?” dan valt er vaak een oorverdovende stilte. Een stilte die gevolgd wordt door een antwoord dat gaat over de ander. Over wat hij (of zij – maar vaker hij) nodig heeft. Over wat de relatie nodig heeft. Over wat beter zou zijn voor iedereen.
Antwoorden gaan zelden over wat partners als individu zelf willen. Het gaat zelden over welke richting zij zouden kiezen als ze dat simpelweg mochten zeggen.
Dat is het paradoxale aan het ‘gezinsmanagerschap’: het lijkt op controle, maar vanbinnen voelt het als het tegenovergestelde. Je regelt alles, maar je hebt het gevoel nergens grip op te hebben. Je neemt initiatief, maar je voelt je niet gehoord. Je stuurt bij, maar de relatie gaat eigenlijk zijn eigen gang.
We noemen dit patroon ook wel ‘overregulatie als angst strategie’: door de controle te nemen over de omgeving, probeer je de angst voor verbinding, teleurstelling of verlies te dempen. En het werkt. Tot het niet meer werkt. Wat dan overblijft is maar al te vaak een dikke kater en veel verwijten.

Wat er onder zit
Die neiging om altijd de leiding te nemen komt natuurlijk ergens vandaan. Niet uit arrogantie. Niet uit een verlangen om alle touwtjes in handen te hebben maar vaak uit een diepgeworteld gevoel dat je er alleen op kunt vertrouwen als jij het doet. Want als jij het loslaat, dan gaat het mis. Dat de ander het niet ziet, niet aanvoelt, niet oppakt.
Dat verhaal, noem het zoals je het noemen wil: overtuiging, schema, innerlijk werkmodel, wordt zelden hardop uitgesproken. Het is door de jaren heen zó vertrouwd, zó vanzelfsprekend geworden, dat je het nauwelijks meer als een verhaal herkent. Het voelt gewoon als de werkelijkheid. Jouw werkelijkheid.
Totdat je partner als antwoord op een verzuchting van jouw kant zegt: “Maar jij laat me nooit iets doen.” En jij denkt: maar ik wacht al jaren tot jij iets doet.
Herken je dit bij jezelf?
- Je weet precies hoe de sfeer is thuis ook als niemand iets zegt
- Als jij een stap terug doet, voelt dat als falen of loslaten
- Je vindt het moeilijk om hulp te vragen zonder het gevoel dat je daarna alsnog alles zelf doet
- Je ergert je aan passiviteit van je partner, maar vindt het ook lastig als hij wél iets regelt
- Je hebt het gevoel dat “goed” alleen zo uitziet als jij het doet

Het is een dans.
Wat we aan onze keukentafel steeds opnieuw zien is dit: patronen van individuele partners zijn zelden het probleem van één persoon. Ze zijn het resultaat van een dans, de dynamiek die twee mensen samen hebben opgebouwd, vaak zonder het te weten, en die door allebei in stand wordt gehouden.
Jij neemt de leiding. Je partner leunt achterover, of valt terug, of wordt kleiner, of protesteert stilzwijgend door nóg minder te doen. Waarop jij nóg meer de leiding neemt. Omdat er anders niemand is die het doet. Voor je het weet is er een vicieuze cirkel opgebouwd.
Het ironische: hoe meer jij regelt, hoe minder ruimte je partner heeft om te groeien in de relatie. En hoe minder hij groeit, hoe meer jij het gevoel hebt dat je het zelf moet doen. Een systeem dat zichzelf in stand houdt.
Wat kun je doen?
Allereerst maar eens wat je niet moet doen: stoppen met de leiding nemen. Dat is net zoiets als zeggen dat je moet stoppen met ademhalen omdat je het te vaak doet.
Wat je wél kunt doen: onderzoeken waarvoor je de leiding neemt. En of dat nog klopt.
We hebben een paar vragen die het waard zijn om jezelf of elkaar te stellen.Wat kun je doen?
Drie vragen om mee te beginnen
- Wat ben ik eigenlijk aan het beschermen? Wat is de angst die achter dit patroon zit? Teleurstelling? Controleverlies? Het gevoel er alleen voor te staan?
- Wat zou er kunnen gebeuren als ik een stap terugzet? Niet als straf maar als experiment. Niet voor altijd, maar één keer. Wat leer je dan?
- Welke richting wil ík eigenlijk op? Niet als ‘gezinsmanager’ van onze BV Gezin, maar als mens. Als partner met eigen verlangens.
Die laatste vraag is voor veel mensen de lastigste. Want ergens, na jaren van regelen en bewaken en aansturen, ben je vergeten dat je die vraag ook aan jezelf mag stellen.
Je mag weten wat je wil. Je mag daarvoor vragen. Je mag zelfs (schokkend!!) verwachten dat je partner meedenkt over de richting.
‘Gezinsmanager van de BV Gezin’ is geen eenpersoons rol. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid. En gedeelde verantwoordelijkheden werken beter als beide mensen weten wat ze samen aan het bouwen zijn.
Herken je dit patroon, bij jezelf, of bij jullie samen? Zijn of willen jullie weer op zoek naar het antwoord op de vraag ‘wat willen we samen bouwen?’
Jullie zijn meer dan welkom aan onze keukentafel of voor een RelatieWeekend!









